dinsdag 25 januari 2011

100 dagen Dante (33): De wraakzuchtige Dante

Canto xxxiii gaat verder waar xxxii ophield, namelijk daar waar twee zondaars tot aan hun hoofd in het ijs vastzitten, als het ware aan elkaar geklonken en in elk geval tot elkaar veroordeeld. De een bijt uit razernij en wraakzucht in de nek en het hoofd van de ander.

De zondaar hief van zijn afgrijslijk voedsel
de lippen en droogde ze aan de haren
van ’t achterhoofd, dat hij had aangevreten.

Hij wil best toelichting geven maar vraagt zich wel af waarom Dante met zijn vraag het lijden wil hernieuwen. Als hij alleen al moet terugdenken aan het verraad van degene aan wie hij knaagt, dan stikt hij haast van woede en verdriet. De knager blijkt graaf Ugolino (della Gherardesca) te zijn, de ander aartsbisschop Ruggieri, beiden afkomstig uit Pisa. Beiden pleegden verraad en de laatste liet de eerst met diens twee zonen en twee kleinzonen opsluiten in een toren en de hongerdood sterven. Hoe wreed zijn sterven was, zal hij wel eens even uitleggen. Als de zoons menen dat de vader gek wordt van de honger, bieden ze hem aan van hun vlees te eten.

ahi dura terra, perché non t'apristi?
Poscia che fummo al quarto dì venuti,
Gaddo mi si gittò disteso a' piedi,
dicendo: "Padre mio, ché non m'aiuti?".
Quivi morì; e come tu mi vedi,
vid' io cascar li tre ad uno ad uno
tra 'l quinto dì e 'l sesto; ond' io mi diedi,
già cieco, a brancolar sovra ciascuno,
e due dì li chiamai, poi che fur morti.
Poscia, più che 'l dolor, poté 'l digiuno
O wrede grond, waarom u niet geopend?
En toen de vierde dag was aangebroken,
viel Gaddo voor mij neer en steunde:
“Och, vader toch, waarom mij niet geholpen?”
Hij stierf. Zowaar uw ogen mij aanschouwen,
zag ik de drie nog vallen, de een na de ander,
vanaf de vijfde tot de zesde morgen.
En blind reeds, zocht ik ze één voor één te strelen
en riep ze nog drie dagen na hun scheiden.
En sterker dan de smart bleek toen de honger.

Weinig te raden wat er vervolgens gebeurde. Na dit verhaal spreekt Dante de wens uit dat alle burgers van Pisa mochten verdrinken, wat een verderfelijke stad! Pisa was regelmatig concurrent en vijand van Florence, waar Dante vandaan kwam, dus dat verklaart zijn felheid hier deels. Vooral veroordeelt hij het op deze afschuwelijke wijze laten doden van de onschuldige kinderen en kleinkinderen, die geen deel hadden aan het verraad van Ugolino.

Dante en Vergilius trekken verder en komen in het volgende gebied, Ptolomaea, genoemd naar Ptolomoaeus, die een vriend als gast uitnodigde en hem en zijn zoons vermoordde. In dit gebied bevinden zich dan ook de verraders van hun vrienden. Huilen kunnen de zondaars niet, want hun tranen bevriezen meteen in de oogkassen, een onverklaarbare koude wind maakt het lijden nog zwaarder. Deze wind zal nog verklaard worden in canto xxxiv.

Een van de ingevroren schimmen, nu met het gezicht naar boven gericht, spreekt het duo aan en wil graag lucht geven aan dat wat zijn hart bezwaart (sì ch'ïo sfoghi 'l duol che 'l cor m'impregna). Dante wil wel de zware sluier (i duri veli) van ijs van zijn gezicht verwijderen, maar dan moet de zondaar wel vertellen wie hij is. Het blijkt de “vrolijke broeder” Alberigo te zijn, die na een ruzie zijn broer en diens zoon te eten uitnodigt en hen vervolgens laat vermoorden. Dante is verbaasd, want deze man loopt op aarde nog gewoon rond. Na uitleg blijkt dat inderdaad het lichaam van de man nog in de bovenwereld verkeert, bewoond door een der duivels. Vanwege de ernst van het vergrijp wordt de ziel al voortijdig, voordat zijn levensdraad ten einde is, in de hel ondergebracht. Hetzelfde is het geval met een van de schimmen verderop, Branco d’Oria, die zijn schoonvader, die te gast was, vermoordde.

En dan gebeurt er iets heel merkwaardigs: Dante had toegezegd het ijstranen van de ogen van Alberigo te verwijderen, maar met enig sadistisch genoegen komt hij zijn belofte niet na. De redenering: een zondaar moet je wel onheus behandelen, juist dat is goedheid. Onnavolgbaar, dacht ik zelf bij het lezen. Dat klinkt niet als de evangelische zachtaardige vergeving van Christus, maar middeleeuwers hadden hier zo hun eigen beeld bij. Niet uitgesloten is dat Dante’s persoonlijke, kleine wraakzuchtigheid hierbij een rol speelt. En weer wordt over een bevolkingsgroep de opgemerkt dat ze maar beter van de aardbodem weggeveegd hadden kunnen worden, in dit geval de inwoners van Genua.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen